You must have Javascript enabled to use this form.

Orde der artsen over inspanningstesten

News type: 

Aan de Orde Van Artsen

 

Betreft: modaliteiten en voorwaarden uitvoeren maximale sportinspanningstesten.

 

Geachte,

 

Vanuit SKA, de Vereniging van Sport- en Keuringsartsen, die de belangen van 240 sportartsen (huisartsen en artsen-specialisten) in Vlaanderen behartigt, vragen we de Orde van Artsen advies omtrent de voorwaarden om maximale sportinspanningstests te organiseren. In 2003 werd hierover al advies uitgebracht door de toenmalige Orde van Geneesheren (zie bijlage), maar aangezien het sportmedisch landschap intussen sterk geëvolueerd is en er veel meer actoren actief zijn, lijkt vernieuwing van dat advies ons noodzakelijk.

Meer en meer mensen sporten, en willen dat niet alleen op een gezonde manier doen maar streven ook naar almaar betere prestaties, ook op amateur- of jeugdniveau. Allerlei medische en niet-medische personen en organisaties spelen in op die gestegen vraag en onderzoeken parameters als de hartslag, lactaatwaarde (melkzuur via capillaire punctie), zuurstofopname (gasanalyse en  VO2-max), subjectieve vermoeidheidsscore (BORG) , bloeddruk en ecg-registratie.

SKA-artsen krijgen strikte richtlijnen om dit soort onderzoeken veilig en betrouwbaar te laten plaatsvinden. Zo raden wij een sportmedisch geschiktheidsonderzoek aan volgens de VASO (Vlaamse Aanbeveling Sportmedisch Onderzoek) alvorens sporters bloot te stellen aan een maximale inspanningstest. Hoe dan ook maken we een inschatting van eventuele testrisico’s. Cardiale hoogrisicopatiënten (o.a. verhoogde SCORE) ondergaan geen maximale inspanningsproef en worden doorverwezen naar een cardioloog, die de test desgewenst in een veiliger ziekenhuisomgeving kan uitvoeren. Tijdens de test wordt de sporter van nabij gemonitord (dikwijls via inspannings-ecg, en altijd ook klinisch, onder directe supervisie van de arts). Kondigen er zich moeilijkheden aan, dan wordt de test onmiddellijk gestaakt. Treden er ondanks onze voorzorgmaatregelen toch problemen op, dan zijn artsen voldoende opgeleid om in te grijpen en desnoods BLS of ALS toe te passen. Onze sportartsen moeten trouwens beschikken over een externe defibrillator.

Spijtig genoeg stellen we vast dat er momenteel diverse inspanningstests worden aangeboden — op een loopband, op een fietsergometer, met een veldtest … — waarbij uiteenlopende protocollen worden gehanteerd. De kwaliteit van de gebruikte toestellen varieert, maar laat soms te wensen over. Er worden overigens niet alleen door (sport)artsen tests afgenomen, maar ook door kinesisten, inspanningsfysiologen, trainers, personal coaches of gewoon door medewerkers van commerciële fitnesscentra, vaak personen zonder specifieke wetenschappelijke opleiding. In veel gevallen gebeuren inspanningstests zonder voorafgaand geschiktheidsonderzoek waarbij cardiale of andere gezondheidsrisico’s kunnen worden bepaald, zonder supervisie of nabijheid van een arts, of zonder AED in de buurt. De kans dat sporters ingaan op de mogelijkheid om een maximale inspanningstest in niet-gereglementeerde of suboptimale omstandigheden te boeken, neemt toe in de mate dat de aanbieders van dergelijke tests meer reclame maken voor hun aanbod.

SKA maakt zich met name zorgen over het risico van een maximale inspanningsproef op instructie van een niet-arts voor sporters met een niet-gediagnosticeerd onderliggend gezondheidsprobleem, of voor mensen met een gediagnosticeerde, maar op het moment van de test niet-herkende of niet in rekening gebrachte pathologie. Sporters maar ook begeleiders zijn dikwijls niet of onvoldoende op de hoogte van de risico’s die een per definitie sterk belastende maximale inspanningsproef kan meebrengen in dergelijke gevallen. SKA vraagt dan ook met enige ongerustheid dat de Orde van Artsen een nieuw advies zou opstellen over de modaliteiten voor het uitvoeren van een maximale inspanningsproef.

Uiteraard zijn wij steeds bereid om deze vraag verder toe te lichten.

 

Antwoord orde in bijlage !

Pagina delen: 
nofollow