Waarom dit plan?
Veel gevallen van sportgerelateerde hartstilstand (SGHS) lopen slecht af. Maar zelfs als sporters een hartstilstand overleven, dan nog blijft het een vreselijke, ontwrichtende gebeurtenis, ook voor familie, vrienden, sportmakkers en sportbegeleiders. Voor SKA is elk geval van SGHS er een te veel.
Wij accepteren dit fenomeen niet als “iets noodlottigs wat niet te voorkomen valt en wat nu eenmaal af en toe gebeurt in de sport”.
Onze visie is ingegeven door medeleven met de nabestaanden van jonge sporters die uit het leven worden gerukt door een hartprobleem, maar ook door de maatschappelijke impact van dit soort incidenten, met name op het vertrouwen dat sporters en sportouders stellen in sport als methode om fit te worden of te blijven. Als mensen vernemen dat er alweer een jonge sporter is ingestort, dan kunnen ze schrik krijgen om nog te sporten, terwijl sport juist gezond is!
Bovendien zijn we ervan overtuigd dat er nog diverse maatregelen kunnen en moeten worden genomen, zowel om SGHS te voorkomen als om slachtoffers na een SGHS het leven te redden.
Om al die redenen heeft SKA in december 2016 het Sportcardiaal Actieplan gelanceerd.
Dit zijn de belangrijkste doelen van het Sportcardiaal Actieplan:
- Voor elke sporter die niet aangesloten is bij een sportclub: beantwoord de vragen op sportkeuring.be. Zoveel mogelijk vrije sporters, zowel beginners als ervaren sporters, zouden de vragenlijst op sportkeuring.be moeten invullen, om te weten te komen of ze er goed aan doen op sportmedisch onderzoek te gaan. Soms is dat niet nuttig, maar vaak wél. Bij zo’n onderzoek wordt ook het hart onderzocht, met op tijd en stond een hartfilmpje. Aan de hand van zo’n rust-ecg kan 80% van alle hartproblemen aan het licht worden gebracht, tegenover 15% zonder hartfilmpje..
- Voor alle sportfederaties en organisatoren van sportevenementen: maak gebruik van het sportmedisch onderzoek. Sportorganisaties moeten hun sporters ofwel verplichten op sportmedisch onderzoek te gaan, ofwel adviseren om de vragenlijst op sportkeuring.be in te vullen en rekening te houden met het advies dat ze daar krijgen.
- Er moet een nationaal meldpunt sportgerelateerde hartstilstand komen dat informatie over alle gevallen van SGHS verzamelt en de gegevens door een groep van deskundigen laat sorteren en analyseren. Op die manier kunnen we nagaan welke gemeenschappelijke kenmerken de slachtoffers hebben en of hun bloedverwanten misschien óók gevaar lopen. Zo’n meldpunt kan de overheid en de sportsector extra gegevens opleveren om meer gevallen van SGHS te voorkomen.
- In zoveel mogelijk gevallen van SGHS met dodelijke afloop moet een autopsie plaatsvinden, zodat artsen de precieze doodsoorzaak kunnen achterhalen. Het volstaat niet te weten dat er ‘een hartprobleem’ in het spel was; we willen exact weten wélk probleem het hart heeft doen stoppen. Autopsie is vaak een delicate kwestie voor nabestaanden maar kan misschien wel andere levens redden.
- De reanimatielessen moeten anders worden aangepakt. De drempel om hartmassage te geven moet dringend en drastisch omlaag. Er worden al decennialang EHBO-cursussen gegeven en nog altijd weten de meeste mensen niet hoe je een slachtoffer van een hartstilstand kunt helpen. Tijd om het ook eens over een andere boeg te gooien! Reanimeren is niet moeilijk. Een cursus volgen is niet noodzakelijk om een leven te kunnen redden. Hetzelfde geldt voor het gebruik van een AED; dat ding legt zichzelf uit met gesproken instructies. Reanimatie wordt te moeilijk voorgesteld. Mensen herinnerin zich niet meer hoe vaak je moeten masseren en dan weer beademen. De waarheid is dat mond-op-mondbeademing door een niet-medisch gediplomeerde hulpverlener géén hogere overlevingskans biedt. Die techniek is dus niet nodig bij een reanimatie. Er moet meer gebruik worden gemaakt van aantrekkelijke filmpjes en sociale media om zoveel mogelijk mensen vanaf 12 jaar op een zo eenvoudig mogelijke manier hartmassage aan te leren.
- Alle sporters en sportbegeleiders moeten leren hoe je hartmassage geeft. Dat geldt minstens voor alle clubsporters vanaf 12 jaar, maar ook voor alle scheidsrechters, trainers, verzorgers en andere sportbegeleiders. Die vaardigheid zal in de sport van pas komen, maar nog meer daarbuiten, want als je alle sporters leert reanimeren, dan creëer je een levenslang leger van potentiële hulpverleners..
- Er moeten meer openbare hartstarters (AED’s) komen die 24/7 beschikbaar zijn. Op alle plaatsen waar mensen regelmatig of in groten getale sporten, moet een bedrijfsklare en goed aangeduide hartstarter (AED) aanwezig zijn die binnen de 5 minuten bij een slachtoffer kan worden gebracht.
Niels Albert is peter van het SCA
Het Sportcardiaal actieplan heeft een peter: voormalig wereldkampioen veldrijden Niels Albert. In 2014 moest Niels zijn crossfiets aan de haak hangen vanwege hartritmestoornissen. De geneeskunde en de wetenschap hebben mogelijk behoed voor een nieuw sportdrama. Als topsporter en ervaringsdeskundige hoefde Niels geen twee keer na te denken toe we hem vroegen het SCA te ondersteunen en er het boegbeeld van te zijn.
Wat is er in huis gekomen van het Sportcardiaal Actieplan?
Op de meeste punten is er vooruitgang, maar er blijft veel werk aan de winkel voor de overheid en de sportsector.
Dit is de stand van zaken in juli 2020, punt per punt.
- Zo’n 200.000 mensen hebben de vragenlijst op sportkeuring.be ingevuld. Dat lijkt veel, maar lang niet genoeg. Steeds meer mensen sporten buiten clubverband en moeten dus op andere manier naar de vragenlijst van sportkeuring.be worden verwezen. Dat vergt een communicatiebudget dat SKA als vzw niet heeft.
- Er zijn nog maar een handvol sportfederaties en organisatoren van sportevenementen die een sportmedisch onderzoek verplichten of hun sporters richting sportkeuring.be gidsen. Dat aantal moet omhoog. Samen met Gezond Sporten Vlaanderen plooit SKA zich al jaren dubbel om meer sportfederaties over de streep te trekken…
- Van het meldpunt is nog niets in huis gekomen. SKA heeft nochtans een groep deskundigen (sportartsen, cardiologen en anotoom-pathologen) verzameld en staat klaar zo’n meldpunt te bemannen. Maar daar is natuurlijk geld voor nodig, zowel om het project op gang te brengen als om het aan de gang te houden. SKA heeft al bij enkele ministers aangeklopt, maar nog zonder resultaat.
- Belangrijke vooruitgang: sinds vorig jaar is er een wet die het de nabestaanden van SGHS-slachtoffers mogelijk maakt een autopsie aan te vragen zonder dat ze dat onderzoek zelf hoeven te betalen. Maar vaak weten die mensen dat niet, of zijn er andere redenen waarom ze geen autopsie vragen. SKA start daarom met een infopunt voor ouders, trainers en artsen van SGHS-slachtoffers.
- SKA heeft een scenario klaar voor een modern, leuk en kort instructiefilmpje over hartmassage dat jonge mensen graag zouden delen via social media. Het is wachten op budget om dat filmpje te realiseren en aan de grote klok te hangen.
- Het filmpje van puntje 5 zal niet volstaan. SKA wacht op initiatieven van de overheid en de sportsector om alle sporters vanaf 12 jaar en alle sportbegeleiders hartmassage aan te leren.
- Belangrijke vooruitgang: de overheid heeft de btw op hartstarters verlaagd tot 6%. Intussen hebben ook veel sportclubs en sportcentra een hartstarter geïnstalleerd. Toch zijn er in vergelijking met onze buurlanden nog altijd veel te weinig AED’s in België die de klok rond publiek beschikbaar zijn. Op het stuk van hartstarters heeft SKA een structurele samenwerking lopen met de vzw HeartSaver. SKA-bestuurder Marc Geenen zit ook in het bestuursorgaan van HeartSaver. Zie www.heart-saver.eu